Das Lied von der Erde III
III (VOORSCHOTEN)
Het mos tussen de stenen laat zich
niet weghalen, ik heb met licht gestrooid - vergeefs.
Nergens draait het pad zich weg, in
de regenput, achter de deur naar rechts heb
ik alles geleegd. De fluweelboom die ik koester
omdat hij viel zwaait zich over deur en schutting
richting licht. ‘Luister’ zeg ik je 's avonds en ik
vertel je van de wijze uit het oosten die besloot
dat houden van een windvlaag is en niet genoeg en niet volgroeit
en dat het pad gedraaid wil maar dat het - denk ik - niet weet hoe.